Wat te doen bij fraude: de civiele procedure

Wat te doen bij fraude: de civiele procedure

Wat te doen bij fraude: de civiele procedure
e-Boekhouden.nl

Verschil met strafprocedure

Bij een civiele procedure zijn er 2 partijen, de eiser en de gedaagde. Zij starten zelf de procedure. Bij een strafzaak is het de Officier van Justitie die ze zaak start.

Bij een civiele procedure spant jouw stichting een gerechtelijke procedure aan en niet justitie. Als je aangifte hebt gedaan en de officier van justitie tot onderzoek en daarna tot vervolging besluit, geef je de zaak in feite uit handen aan justitie. Dan gaat de strafprocedure in werking, waarbij het gaat om het straffen van de fraudeur. Lees meer hierover in ‘wat te doen bij fraude: de strafprocedure’.

Gerechtelijke procedure

Afhankelijk van de hoogte van jouw schade (het fraudebedrag, eventueel vermeerderd met bijkomende kosten) kom je bij de kantonrechter of de civiele rechter terecht.

Vorderingen tot € 25.000,- kan je claimen bij de kantonrechter. In zo’n geval heeft de stichting geen advocaat nodig. Het is wel verstandig om gebruik te maken van de diensten van een jurist die ervaring heeft met rechtszaken en de toepasselijke wetgeving. Voor hogere bedragen dan € 25.000,- is de civiele rechter van de rechtbank bevoegd.

Je kan jouw zaak aan de civiele rechter alleen voorleggen met inschakeling van een advocaat. Dat betekent dat jouw stichting ook de advocaatkosten zal moeten betalen. Deze kan je proberen te verhalen op de fraudeur.

Gronden

Bij een civiele procedure gaat het erom dat je de door jouw stichting geleden schade vordert. Juridisch gezien zijn de meest voorkomende gronden voor deze schadevordering ‘onrechtmatige daad’ en ‘onbehoorlijke vervulling van de bestuurstaak’.

Artikel 6:162 van het Burgerlijk Wetboek stelt dat “Hij die jegens een ander een onrechtmatige daad pleegt, welke hem kan worden toegerekend, is verplicht de schade die de ander dientengevolge lijdt, te vergoeden.”

Artikel 2:9 van het Burgerlijk Wetboek zegt onder meer “Elke bestuurder is tegenover de rechtspersoon gehouden tot een behoorlijke vervulling van zijn taak.” Een penningmeester die geld van de stichting voor zichzelf gebruikt en/of de administratie zodanig manipuleert dat deze geldopnames niet helder uit de administratie blijken, vervult zijn taak niet behoorlijk. Een beroep op dit artikel is alleen mogelijk als er sprake is van ernstige verwijtbaarheid, maar in het geval van duidelijke en aantoonbare fraude (en dus van opzet) is daarvan al snel sprake.

Terugkrijgen van het geld

Als de rechter oordeelt dat de stichting recht heeft op vergoeding van de geleden schade en de dader veroordeelt tot het terugbetalen daarvan, moet de stichting de vordering op de dader nog incasseren. Dit zal vaak niet makkelijk zijn. ‘Van een kale kip kun je niet plukken’. Juridische ondersteuning is ook hier wenselijk. Het meest effectief is het inschakelen van een deurwaarder om te proberen de vordering geïnd te krijgen. Houdt er rekening mee dat een dergelijk traject meestal veel tijd en wederom geld kost.

Kosten van de procedure

De totale kosten van een gerechtelijke procedure kunnen fors oplopen. Behalve de al eerder genoemde kosten voor een advocaat of andere juridische dienstverlener krijgt de stichting te maken met griffierechten.

Bij de kantonrechter is dit (2021):

  • € 126,- voor vorderingen tot € 500,-;
  • € 507,- voor vorderingen tot € 12.500,-;
  • en voor grotere vorderingen tot € 12.500,- is het € 1.013,-.

De gedaagde (de fraudeur) hoeft bij de kantonrechter geen griffierecht te betalen.

Bij de civiele rechter zijn de griffierechten een stuk hoger. Voor zaken die betrekking hebben op bedragen tot € 100.000,- zijn deze € 2.076,- en als de fraude bij jouw stichting een nog hoger bedrag betreft, bedraagt het griffierecht € 4.200,-. Bij de rechtbank moet ook de gedaagde (de fraudeur) griffierechten betalen.

Verder krijg je vaak te maken met de kosten van deskundigen die je inhuurt om de fraude te onderzoeken en het totale schadebedrag vast te stellen. In veel gevallen zal je daarvoor een accountant of een gespecialiseerd bureau inschakelen.

Rechtsbijstandsverzekering

Soms lopen de kosten van een gerechtelijke procedure zo sterk op, dat de stichting nauwelijks de benodigde financiële middelen kan opbrengen.

Als jouw stichting een rechtsbijstandsverzekering heeft gesloten, kan je vaak een beroep doen op de dekking van deze verzekering. Zoals voor het verkrijgen van bijstand en voor de te maken kosten. In de polis kan je terugvinden om welke dekking het gaat.

Meer informatie over en voor kascommissies vind je in De Kascommissiegids voor verenigingen en stichtingen. Zie www.kascommissiegids.nl.

    e-Boekhouden.nl
    0
    Je winkelwagen